In memoriam: opzoek naar Hugo in de kinderliteratuur
Ik kan er niet omheen. Gisteren is een monument heen gegaan: Hugo Claus is niet meer.
Veel berichten in het nieuws. Opvallend hoe je op zo’n moment pas gaat merken wie er “belangrijk” is in het literaire veld; zij komen zelfs in Ter Zake aan het woord. “Droevig nieuws” zegt Wim de Vilder om 19u00 in het journaal. Ik zit verbijsterd voor het telivisietoestel en heb even het gevoel dat onze grootste, onze messias voorgoed verloren is. Bye bye Hugo Claus, bye bye Vlaamse literatuur.
En dan denk ik opeens – spontaan – aan een reportage die ik zag toen Roald Dahl X aantal jaren dood was. Het verschil is zo treffend dat het me ineens opvalt. “Onze” grootsten, en dan denk ik zowel aan Roald Dahl, maar vooral ook aan Annie M.G. Schmidt zijn bescheidener gestorven. Wie is onze Hugo? Herinnert iemand zich de dood van Annie M.G. Schmidt nog? Ik kan me niet inbeelden dat er zoveel poeha om gemaakt werd. Dat hoeft natuurlijk ook niet, maar het plaatst dit subveld van de literatuur toch in een perspectief. Zelfs als er binnen de kinderliteratuur iemand heengaat die in feite onmisbaar is, dan verloopt alles subtieler. Ik zou zelfs zeggen: kleiner.
En hoewel dit misschien niet de plaats is, voel ik toch dat ik even moet zeggen: Hugo Claus, die gaan we missen. Hij was een homo universalis; de veelzijdigheid zelve. Alleen herinner ik me niet dat hij ooit een kinderboek geschreven heeft. Ook dat wordt niet in het nieuws vermeld.





O rond het overlijden van Annie M.G. Schmidt was ook erg veel te doen hoor. Vooral in Nederland dan he. Ik herinner het me wel nog, Het was als ik me niet vergis een zondag, een verkiezingszondag in België, en plots kwam dat bericht. De échte koningin van Nederland was niet meer. Het was trouwens toch wel zowat het enige nieuwsitem dat in het journaal naast de verkiezingsuitslagen stond…
Ik heb toen heel veel naar de Nederlandse tv gekeken, en ik zie eigenlijk weinig verschil met wat nu gebeurt. Hele uitzendingen gingen erover, prominenten gaven een reactie, er was een in-memoriamportret, vroegere interviews werden heruitgezonden, een musical werd heruitgezonden, mensen op straat werd gevraagd voor de camera hun lievelingsgedicht van Annie op te zeggen (en al die Nederlanders, van jong tot oud, konden dat dus ook) enz. enz. Ook de kranten stonden vol, dagenlang. Ik was zelf op de begrafenis, en daar was behoorlijk veel volk naartoe gekomen, gewone Nederlanders bedoel ik. (Wat ik me vooral ook herinner was dat vreemde moment waarop gevraagd werd Annie vrolijk te herdenken er het liejde ‘Drie ouwe ottertjes’ werd opgezet. Buiten was er een wat onwennige stilte, pas toen we hoorden dat de naasten binnen hartelijk lachten met het vrolijke versje, werd er buiten ook gelachen.)
Dat we er in België minder van gemerkt hebben is toch vooral omdat ze een Nederlands monument was. In Nederland is er nu vast ook niet zo’n overweldigende aandacht voor Claus.
Dahl: geen idee eigenlijk hoe dat gegaan is. Je zou moeten kijken naar wat er toen in Engeland/Amerika gebeurde, natuurlijk, want dat soort dingen is toch in de allereerste plaats een nationaal gebeuren heb ik de indruk.
Bij de dood van Astrid Lindgren stond heel Zweden toch ook op zijn kop?
Maar zulke monumenten, of ze nu Claus of Schmidt of Lindgren heten, zijn zeldzaam he, dus vaak gebeurt het niet.
Ik zie hierin echt geen verschil tussen kinder- en volwassenenliteratuur…
En Hugo Claus hoefde natuurlijk geen kinderboek te schrijven.
En los van dat alles: het is altijd triest, het heeft altijd ook iets melancholisch als zo’n monument sterft. Maar hij laat een mooi oeuvre na (met een aantal Grote werken, en een aantal minder grote, ook dát was Claus), en dat heeft hij voor op de gewone sterveling.
‘Ik hoor de mensen dromen
Amaai zijn dat seringen die ik ruik
of groeit het gras al op mijn buik?’
Weet je, Karen, eens je de status van monument bereikt hebt doet het er volgens mij niet meer toe uit welke ‘hoek’ je oorspronkelijk kwam: de ‘grote’ literatuur, de kinderliteratuur, de wereld van het entertainment… Die grote monumenten, of ze nu Astrid Lindgren of Jos Brink heten, hebben ook met elkaar gemeen dat ze zoveel meer geworden zijn dan alleen ‘hun werk’, heel hun persoon wordt een soort publieke persoon… alsof ze een beetje ‘eigendom’ zijn van onze cultuur. (En vaak zijn het naast de mensen achter grote werken ook inderdaad grootse mensen.)
Naar aanleiding van 100 jaar geboortedag van Astrid Lindgren heb ik vorig jaar Marit Törnqvist geïnterviewd, die Lindgren van zeer dichtbij gekend heeft (het interview kun je lezen in Leesgoed). Ik herinner me hoe ze zij dat Lindgren op het eind van haar leven om de haverklap werd gebeld door journalisten om haar mening te vragen over een of ander maatschappelijke issue. Dat ze door ontelbare Zweden beschouwd werd als een soort biechtmoeder, aan wie ze brieven schreven, waarin ze hun diepste geheimen prijsgaven, zelfs misdrijven. Als zo’n persoon sterft, rouwt de cultuur om veel meer dan alleen de schepper van een aantal Grote Boeken…
Wel, Karin, jij dwingt me alles vanuit een ander perspectief te zien.
Het is wel zo dat ik voor de eerste keer “bewust” zo een overlijden van een literair monument meemaak. Bovendien denk ik dat je een cruciaal punt raakt wanneer je aangeeft dat dat toch allemaal zich op een nationaal niveau afspeelt. Een schrijver van wereldformaat kan ik me buiten Claus in ons apelandje ook niet meteen voor de geest halen.
Het doet me bijna plezier (al past dat niet echt in deze context) te lezen dat Annie Schmidt toch met zoveel aandacht gestorven is. Ik denk dat ik nog te jong was om het me levendig te herinneren. Zij was in mijn ogen ook echt een enorm monument.
Wat je daar zegt over de maatschappij die uiteindelijk meer waarde hecht aan de publieke figuur dan aan het werk lijkt me zeker waar. Bij Claus is dat toch het geval: wie heeft zijn boeken echt gelezen? (Ik denk aan Man bijt hond die opzoek gingen naar mensen die Het Verdriet in hun kast hadden staan. Bij veel mensen stond het boek idd in de living maar bijna niemand had het gelezen!)
Wie is dan de Claus van de kinder- en jeugdliteratuur?! Hebben wij zo een grote naam in dat veld überhaupt in België wel al ooit gehad? Want dat is toch een andere vraag dan peilen naar het Het Mooiste Boek: wie was De Grootste?
Ach, ‘dwingen’ ;-)
Wie de Claus van de kinderliteratuur is? Inderdaad: hebben we die wel? Jeroen Overstijns, oud-chef Letteren van de Standaard, zei gisteren dat we al van een enorm geluk mogen spreken dat we in zo’n klein gebied in één eeuw Claus én Boon hebben gehad. En wie zei er ook weer dat Claus natuurlijk schrijver is geworden in een periode dat schrijvers nog een bijna goddelijke status konden verwerven. Dat is nu heel anders, óók voor volwassenenliteratuur. Maar in die periode stond de kinderliteratuur nog in haar, jawel, kinderschoenen – in dat opzicht mag het dan alweer een wonder heten dat ons taalgebied Annie Schmidt heeft ‘gehad’.
De canonisering van een schrijver bij het grote publiek (dus buiten het strikt literaire wereldje) loopt vandaag toch anders dan in de tijd dat Claus groot werd. De media spelen nu zo’n belangrijke rol. Mediatieke schrijvers zullen veel makkelijker dat hoogste schavotje halen. Vergelijk een Tom Lanoye en een Peter Verhelst. In de kinderliteratuur is dat net zo. Het aandeel ‘literaire kwaliteit’ in het proces van publieke (!) canonvorming is, naar mijn bescheiden mening, serieus afgenomen. Claus is uiteindelijk een Grote geworden door de kwaliteit van zijn boeken. Zijn levenswandel, zijn houding etc. zullen wel geholpen hebben, maar de essentie waren zijn boeken. Is dat nu nog zo? In elk geval niet in die overheersende mate, denk ik.
Maar ach, lees ook het andere nieuws van de dag, kijk naar de ministerportefeuilles, het is daar niet anders.
(Maar wat een fijn in-memoriam door onze ex-premier!)
Nou ja, dat “dwingen” was bedoeld als: ik leer gigantisch bij doordat jij me ineens in een heel andere richting laat kijken :-)
Ik geef je gelijk… De periode van Claus en Boon is met hun dood ook stilaan afgesloten. Wat die mediatisering betreft, ik denk dat de kinderliteratuur daar nog extra gevoelig voor is. De canonvorming op zich is continu in evolutie, maar ik blijf toch geloven en hopen dat het de boeken blijven die uiteindelijk het laatste woord hebben.
En… misschien zit de echte Claus van de kinderliteratuur (zoals je terecht opmerkt: die nog aan het opgroeien is) er nog aan te komen. Dat is ook een best spannende gedachte: wie weet wat voor parels er nog op ons zitten te wachten!!! ;-)
Hmm, Hugo Claus: het was natuurlijk een monument. Ik heb nog nooit iets van hem gelezen, en toch lijkt het alsof hij er altijd is geweest. En plots is hij weg. Ik moet zeggen: het doet een beetje vreemd. Nog doden? Ik herinner me een artikeltje in één of andere krant, dat verscheen na zijn overlijden, met de kop “De Grote Vriendelijke Reus is gestorven…” Met daaronder een foto van Dahl. Ik geloof dat ik dat toen wist omdat we in ons eerste jaar middelbaar zaten, en onze juf net TOEN “Matilda” aan het lezen was, voor ons. Ook met het overlijden van Astrid Lindgren had ik hetzelfde gevoel als ik nu bij Claus heb: iemand die er altijd is geweest (als volwassene die ik nu ben veel bewuster dan als kind), en nu niet meer. Maar Roald en Astrid zijn inderdaad maar heel summier in het nieuws geweest. Dat is waar. Hetzelfde met Gregie De Mayer. Daar schrok ik ECHT van. Ook omdat mijn ma en ik de enigen thuis waren die wisten wie Gregie was. Mijn pa was ervan overtuigd dat ik hem wel zou inlichten over “wie Gregie De Mayer was”. Maar ook bij hem: het mocht veel uitgebreider…
Claus is voor mij vooral een naam.
Van zijn werk ben ik niet kapot (of mag dat, net na zijn overlijden, niet luidop gezegd worden?).
Waarschijnlijk zijn zijn boeken schitterend. Maar ik ben heel toevallig de uitzondering die er niet zo gek op is.
Toen ik hoorde dat Max Velthuijs overleden was, heb ik gehuild.
Waarom?
Omdat hij één van mijn persoonlijke monumenten is, net als Astrid Lindgren en Roald Dahl.
En de wereld is ontzettend klein. Moet de jeugdboekenclaus uit Vlaanderen komen?
De drie hierboven vermelde kanonnen zijn voor mij al ster genoeg!
Groetjes,
Joke
Dag Joke,
Daar treed ik je wel in bij… een klein taalgebied als het onze maakt de Hugo Clausen wel echt tot uitzonderingsgevallen. Ik ben nu zelf sporadisch zijn werk aan het lezen, want zeg nu zelf: een Germanist die Claus niet gelezen heeft is maar een halve! Ik hoop echter ook dat ik het met ouder worden meer ga kunnen appreciëren…
Het ontroert me dat je met het overlijden van Velthuijs gehuild heb. Dat is zo mooi. En ook normaal: bepaalde boeken worden echt een deel van je leven. Als “het is de liefde die we…” er niet meer zou zijn, zou mijn wereld opeens ook wel even stilstaan. Gewoon, omdat ik door hem iemand anders geworden ben. Denk ik. Nee, weet ik zeker. :-)