Over uilen en stuurlui
Over enkele dagen wordt de Gouden Uil uitgereikt. Het juryrapport dat de shortlist van de vijf genomineerden voor de Gouden Uil Jeugdliteratuurprijs vergezelde, zorgde voor enige ophef. Woorden als dédain en arrogantie waren niet van de lucht. Ook ik ergerde me. Meer dan een juryrapport was dit een poging om te scoren in het mediatieke gebeuren dat de Gouden Uil is. Straffe woorden en hyperbolen doen het altijd goed – meer dan genuanceerde meningen, natuurlijk.
En het werkte, voorzitster Jelle van Riet mocht in verschillende media haar verhaal nog eens overdoen. Ze mag dat nu opnieuw in Focus, het ‘Radio, televisie & entertainment magazine’ van Knack, de op televisie uitgezonden uitreiking van de Uil moet immers worden aangekondigd. Na het keiharde en denigrerende oordeel over zowat de hele kinderboekenproductie van 2007 – de vijf genomineerde boeken werden ‘als bij wonder nog gevonden’ – heeft Jelle van Riet het over haar eigen schrijftalent. Deemoedig geeft ze toe dat ze wellicht te weinig talent heeft voor het meesterwerk dat ze het liefst meteen zou schrijven. Maar: ‘Zonder blikken of blozen durf ik te stellen dat ik beter schrijf dan veel van de auteurs van de boeken die dit jaar zijn ingestuurd.’
Alweer een uitspraak die kan tellen. Alweer eentje die wellicht goed scoort. Maar daar is dan ook alles mee gezegd. Voorts is ze volstrekt gratuit.
Mevrouw van Riet, het is nobel dat u niet zomaar in het spoor wilt treden van dat grote ‘aantal ongetalenteerde mensen dat per se een kinderboek wil schrijven’, maar zwijg dan ook over uw zelfverklaard talent. Of neem anders de pen ter hand. In dat geval wens ik u de kritische jury’s en recensenten waar inderdaad ieder boek recht op heeft. Die jury’s en recensenten wens ik de wijsheid waarvoor de uil al eeuwenlang symbool staat.





Dag Karin,
‘t Is inderdaad erg gemakkelijk om het werk van anderen af te kraken. Om dat op deze manier en in alle mogelijke media te doen, is ronduit grof.
Zelf had ik de voorbije drie jaar de eer en het genoegen om in de jury van de Boekenleeuw te mogen zetelen, Marina kan erover meepraten!
Elk heeft zijn eigen mening (gelukkig maar), en na drie jaar (hoe jammer ik het ook vind) is het goed geweest. Nieuwe inzichten, accenten en visies zijn nodig.
Bij wat ik mocht lezen zat vanalles, variërend van draken tot pareltjes.
In een juryrapport loof je de bekroningen.
Natuurlijk zijn er mindere jaren, en ook ik vind dat er teveel wordt uitgegeven.
Waarom niet wat zorgvuldiger zijn in het selecteren van manuscripten? Het zou fijn zijn een goed boek langer op de plank te kunnen houden. Ik ben er zeker van dat de meeste auteurs het roerend met me eens zijn.
Groetjes,
Joke
Applaus.
Zucht zeg. Waarom zou je, wanneer je in een jury zetelt, zélf willen gaan schrijven? Ook ik krijg die vraag weleens, vanwege mijn KJV engagement. “Waarom schrijf je dan eens zelf geen boek?”. Maar het is niet omdat je dit of dat boek al dan niet goed vindt, dat je dan persé zelf zou willen gaan schrijven, althans niet in mijn geval. Ik schrijf wel over boeken die ik gelezen heb, en graag ook!:-)
Hoe noemen ze dat ook alweer?! Euhm… oeverloze prententie ofzo?!
Waar ik vroeger school liep, kenden ze zo’n heerlijk gezegde, vertaald in het schoon Vlaamsch “daar valt me de broek van naar beneden!” :-)
In ieder geval, opnieuw bedankt voor je alweer kritische zin, Karin ;-)
Ik vertrek een weekje naar de sneeuw… dus tot blogs na de paasvakantie!
Wat jammer dat de schaarse tijd die de jeugdliteratuur in de media krijgt niet gebruikt wordt om de mooie boeken die er wel zijn in de verf te zetten. En die mooie boeken zijn er – veel meer dan het dozijn dat op de longlist van de Uil terecht is gekomen… Hopelijk gaat het in de uitzending vanavond opnieuw over het werk dat wèl de moeite waard was, want de nominatie die ze gekregen hebben lijkt nu bijna een troostprijs.
Je hebt overschot van gelijk, Vanessa. Hopelijk gaat er aandacht naar mooie boeken, naar het overbrengen van leesplezier, naar het warm maken van mensen voor al dat moois dat wel degelijk verschenen is.
Hoi mensen! Jullie hebben inderdaad wel gelijk hoor. En stellen dat je het zelf beter kan: het is natuurlijk wel makkelijk. Als mevrouw Van Riet dan zelf een boek zal schrijven, horen we dat wel weer…:-) Maar inderdaad: overal gaan beweren dat je het zelf beter kan, werkt niet echt inspirerend. Anderzijds stelde ze vandaag wel dat zij zich niet wilde meten met “de groten”, die nu de nominatielijst uitmaken, maar wel met alle pulp die is verschenen. Daar valt misschien iets over te zeggen, maar inderdaad: je zwijgt daar dan beter over, en vertelt misschien beter iets over wat je wél goed vindt, maar dat verkoopt naar aanleiding van De Gouden Uil niet echt? Mevrouw Van Riet heeft onze premier vandaag ook het hele oeuvre van Joke van Leeuwen “te lezen” aangeraden. Terwijl mevrouw Joos in Mezzo doodleuk kwam vertellen dat NIEMAND onze premier al een jeugdboek had aangepraat! “313, misschien wisten zij alles” is al voorbijgekomen, en gisteren raadde Gerda Dendooven hem zowaar Solo van Roald Dahl aan. Hoezo geen jeugdboeken?
Ik heb mij ook mateloos geërgerd aan zulke hautaine uitspraken van de jury. Ik vindt dat een jurylid onwaardig. Vorig jaar waren hun uitspraken volgens mij iets navenants. Wat leuk voor een schrijver om te horen dat hij op de shortlist staat bij gebrek aan beter … Is dat bekronen ?
Er zijn altijd boeken waarbij je je afvraagt of het het drukken waard was, maar zoals anderen ook aanhaalden, je zet het goede in de kijker, je laat bij een prijs toch genieten , je gaat er toch niet op neerkijken.