Kleurt de jeugdliteratuur roze?
In het eerder genoemde blad LEZEN valt mijn oog op ‘Noise for boys’, een artikel van Tjibbe Veldkamp. Veldkamp is niet alleen kinderboekenauteur, hij is ook vader van een zoon en een dochter. En zonen en dochters, en bij uitbreiding jongens en meisjes, zo weet hij ondertussen, zitten fundamenteel anders in elkaar – ‘Mocht u niet overtuigd zijn dan zou u eens een jongens- en een meisjesfeestje kunnen bezoeken’:
‘Jongens zijn vaak competitief ingesteld. Ze houden van actie en avontuur. Zich in een ander verplaatsen is niet hun sterkste kant. Voor psychologische nuance hebben ze weinig belangstelling. Vergis je niet in jongens van 5. Dat is helaas precies wat we doen als het om prentenboeken gaat.’
Het bestaande prentenboekenaanbod kan kleuterjongens maar matig boeien, vindt Veldkamp. Wegens te zoetsappig, te weinig actie, te weinig avontuur, te weinig humor: ‘Op een gegeven moment waren de jongensprentenboeken op. En toen moest hij nog 5 worden. Gelukkig zijn er andere genres. Zo hebben we heel wat genoeglijke uurtjes doorgebracht met 12+ non-fictie over de geschiedenis van wapens. Maar terwijl ik de werking van verschillende ontstekingsmechanismes van vuurwapens uitlegde (…) dacht ik: dit zou toch niet nodig hoeven zijn? Als ik al geen prentenboeken kan vinden, hoe zou het dan iemand vergaan die niet beroepsmatig met prentenboeken bezig is?’
Bovendien bereiken de goede boeken die er dan wel zijn jongens vaak niet. Organisaties en websites die lijsten met aanbevolen prentenboeken samenstellen, houden geen rekening met het verschil tussen jongens en meisjes: ‘Het inzicht dat jongens ook op jonge leeftijd al van andere boeken houden dan meisjes ontbreekt. Gevolg is dat jongens de verkeerde boeken aangeraden en voorgelezen krijgen. Gevolg daarvan is dat ze boeken minder leuk gaan vinden. Dat is een slechte start van een leescarrière.’
Tjibbe Veldkamp pleit dan ook voor leesbevorderingsacties die erop gericht zijn om specifiek jongens aan het lezen te krijgen én voor een groter aanbod van boeken die jongens kunnen aanspreken. En passant geeft hij een lijstje mee met ‘enkele minder bekende, uitstekende jongensprentenboeken’.
Heeft Veldkamp gelijk? Zijn er te weinig boeken die kleuter- en oudere jongens kunnen aanspreken? Ligt daarin de kiem van hun weinig lezen? Zijn er andere boeken nodig, en andere initiatieven, om hen aan het lezen te krijgen? Vragen jongens en meisjes echt om een ander soort boek? Of worden ze daartoe vooral aangezet door uitgekiende marketingstrategieën? En hoe zit het met de meisjes? Komen al de ‘rozecoverboeken’ van de laatste jaren, van lieflijk prentenboek tot chicklit, tegemoet aan wat zij van een boek verwachten?
Vertel eens…

Ik vind het een boeiend idee. Ook om dit door te trekken naar lezende meisjes en jongens. Misschien wel een idee om uit te werken op de dag van de literatuureducatie? volgend jaar?
Goh, wat moet ik daar op zeggen? Wat prentenboeken betreft heb ik nooit zo het probleem aangevoeld. Maar wat boeken voor pakweg 8-12jarigen aangaat was vroeger het onderscheid tussen jongens- en meisjesboeken heel gewoon. Het stond ook gewoon op de cover voor welk geslacht zo een boek bedoeld was. Alsof het haast verboden was voor het andere geslacht om het ook te lezen. Later – met de emancipatie van meisjes? – is men hierop teruggekomen en moesten boeken vooral sexeloos zijn. Het gevolg was dat jongens alleen graag boeken lazen waarin jongens de hoofdrol speelden. Voor meisjes maakte dat niet zoveel uit. Kunnen zij zich misschien makkelijker inleven in een mannelijk personage?
Je zou dan verwachten dat er net nood zou zijn aan pure jongensboeken. En de laatste jaren verschijnen er wel regelmatig. Maar op dit ogenblik is er toch vooral een boom van meisjesboeken. En ik kan me geen andere reden indenken dan marketingstrategie, vooral als je ziet hoe die boeken gemaakt worden.
Wat er ook van is, wat vooral opvalt is het enorm belabberd niveau van de hedendaagse jongens- of meisjesboeken. Hoe stereotyper, hoe liever. Jongensboeken over voetbal, meisjesboeken over paarden of meidenclubs. Je kan je dan ook de vraag stellen waarom niet eens iemand moeite doet een goed jongens- of meisjesboek te schrijven of uit te geven. Maar de reden zal wel zijn dat literaire jongens- en meisjesboeken moeilijker in de handel liggen. En dat was weer net de bedoeling van een sexeonderscheid: dat de boeken gelezen worden. Zo krijg je dus een vicieuze cirkel.
Ik weet (nog) niet goed hoe ik mijn stuk hierover moet aanpakken, maar wat me wel opvalt, is dat er in “het kinderboekenwereldje” ook – vaak opvallend – veel meer vrouwen bezig zijn met kinderboeken dan mannen. Waar zitten de mannen die bezig zijn met jeugdliteratuur? Eigenlijk zouden zij hierover beter een stuk schrijven, denk ik…:-) En ook: Tjibbe Veldkamp betoogt niet alleen dat er weinig goeie jongens-prentenboeken zijn, hij doet er ook zelf wat aan, kijk bv naar zijn “Hotze de botskabouter” of ook “Pik in, zei de rat” (misschien in iets mindere mate “jongensachtig”, maar ik geloof dat een rat toch wel lekker griezelig kan zijn, en “Pik in, zei de rat” is in elk geval toch geen “lievig, wattig (wattig komt van mij)” boek…
Als mensen niet zo krampachtig hun kind in het hokje “meisje” of “jongen” zouden stoppen, zou het probleem veel minder spelen. Gevoelig gedrag bij jongens en stoer gedrag bij meisjes wordt afgestraft, zowel door de volwassenen als door de leeftijdsgenootjes (die hun opvattingen over jongens en meisjes weer van hun ouders meekrijgen) en kinderen worden in een sekserol geperst waar ze misschien wel helemaal niet in willen zitten. Het probleem ligt helemaal niet bij de boeken; als die strikte seksetweedeling zou worden losgelaten, zouden er meer dan genoeg jongens ook van “meisjesboeken” houden en andersom.
Ik sluit mij gedeeltelijk bij Micha aan. Het is zeker waar dat jongens ook vandaag nog teveel in een ‘macho’ hokje gedrumd worden waarbij elke uiting van gevoelens of affectie bestraft wordt. Hoewel jongens fundamenteel anders in elkaar zitten dan meisjes, hebben ze wel dezelfde emotionele behoeften. Jongens hebben evenveel als meisjes behoefte aan een knuffel af en toe, of om eens goed te kunnen uithuilen. Indien je dat niet toelaat kweek je harde, onevenwichtige volwassenen.
Het onderscheid tussen de geslachten is volgens mij echter geen sociologisch of cultureel gegeven, maar zit ingebakken in de genen van de mens. Jongens zijn van nature fysieker dan meisjes omdat ze met een jachtinstinct geboren worden. Als jager moet je snel en alert zijn en dat uit zich ook nu nog in de manier waarop jongens spelen. Jongens zullen altijd actievere spelletjes spelen dan meisjes, waarin ook dat jachtinstinct (sluipen en achtervolgen) weer naar de oppervlakte komt. Zonder sociale en culturele bagage wordt het alleen maar erger.
Een mooi voorbeeldje hiervan is ‘Lord of the Flies’ van William Golding. Een fictieboek uiteraard, maar Golding is ontzettend realistisch in het portretteren van de menselijke aard. Je zou je bijgevolg de vraag kunnen stellen of de situatie op dat eiland op dezelfde manier zou geëscaleerd zijn als de groep gestrande kinderen alleen maar uit meisjes had bestaan.
Daarom denk ik ook niet dat je om dat instinctieve sekseverschil heen kunt. Het is er nu eenmaal en ik denk ook niet dat er ooit een tijd zal komen dat jongens massaal de chicklit afdeling van de bib gaan plunderen.
Wel ben ik een hevig voorstander van het verwerken van gevoelens en emoties in avontuurlijke jongensboeken. Zo leren jongens dat het niet verkeerd is om je verdriet te tonen of naar een knuffel te verlangen. In mijn boek ‘Na het Licht’ komt een jongen van 11 opeens alleen te staan wanneer zijn moeder gevangen genomen wordt door een bende plunderaars. Op de Boekenbeurs is een jongen van 15 mij komen vertellen dat hij gehuild heeft met dat boek.
Daarom denk ik dat er ook voor de jongere jongens (ik schrijf doorgaans voor 10+) nood is aan typische jongensboeken waarin tevens gevoelens aan bod komen. En misschien dat het huidige aanbod aan boeken voor die leeftijdscategorie nu net iets teveel naar de pony’s en konijntjes overhelt en te weinig naar ‘echte’ gevoelens die ons voorbereiden op het leven.
Micha, het verschil tussen jongens en meisjes is echt niet alleen een zaak van opvoeding. Zoals ik in een ander stukje (http://www.verteleens.be/2009/05/20/verliefd-prinses-beeldschoon/) al schreef: ik heb mijn kinderen (twee jongens) ver van die starre sekserollen willen houden. En toch. Toch was er al op heel jonge leeftijd heel duidelijk ‘jongensgedrag’, een voorkeur voor alles met wielen, voor alles wat snel gaat, voor alles wat naar stoerheid neigt… Toen daar ook nog de invloed van de klasgenootjes bij kwam, was het hek helemaal van de dam.
En ja, het beïnvloedt ook hun boekenkeuze. Niet zo extreem als in het artikel van Tjibbe Veldkamp, gelukkig. En ik geloof dat je daar als ouder / leraar /… ook wel wat kunt ’sturen’. Maar dat blijft dan ‘bijsturen’…
Oh, ik weet wel dat er verschil is tussen “een jongen” en “een meisje”, maar dat zal toch niet voor elk kind gelden? De jongens die alleen maar soldaatje willen spelen en de meisjes die alleen maar met poppen willen spelen, zijn extremen, volgens mij, en met een minder dwingende maatschappij zouden er daar minder van zijn, vermoed ik. Op tv zien ze natuurlijk heel veel stoere mannen als rolmodel, zeker met die actieseries uit de VS.
Maar goed, ik zit niet echt “in de kinderen” dus misschien heb ik wel een vertekend beeld ;) Wat mij betreft kijk je naar wat het kind leuk vindt, niet naar het geslacht om op basis daarvan iets te selecteren.