De prentenboeken voor de Jeugdboekenweek
In “De Morgen Uitgelezen”, woensdag 17 maart, een selectie door Annemie Leysen: “Want kinderen hebben recht op mooie boeken die er toe doen.”
(Oh: en tussendoor staan er op de pagina twee grote prenten uit twee desbetreffende boeken)
Agnès De Lestrade en Valeria Docampo hebben hun plekje met “Het Land van De Grote Woordfabriek”:
“Er wordt zuinig met woorden omgesprongen”
Michael De Cock en Kristien Aertssen schreven “Hoe oma almaar kleiner werd”:
“Over missen gaat het in dit fraai uitgegeven boek”
Het duo Imme Dros en Harrie Geelen schreven “Het Boe Boek”
En
(Jippie!!!) ook Wouter van Reek staat met zijn Keepvogel en “Het diepste gat” (samen met zijn trouwe viervoeter Tungsten) in “De Morgen Uitgelezen” te blinken. En ja: u mag mij beschuldigen van enig favoritisme, al moet ik bekennen dat ik de andere prentenboeken nog niet gelezen heb. Sinds ik van Reek’s “Nachtpannenkoeken” ontdekte, ben ik helemaal verkocht.
(Ik denk dat we blij mogen zijn met de Jeugdboekenweek, dat past dan mooi in het “concept” van “De Morgen”, wanneer het over jeugdboeken gaat.) Net zo met de berichtgeving over De Gouden Uil, ook nu weer: Tom Lanoye krijgt een GROOT stuk over hoe hij mag beginnen dromen over zijn Gouden Uil. Ook nu mogen we blij zijn met twee Vlamingen op de Gouden Uil Jeugdliteratuur shortlist: ik geloof dat we anders helemaal niks zouden vernemen. *zucht*, ja, het stukje was alweer niet groter (maar het was er wel, het was er wel) dan twee velletjes toiletpapier.








