Boeken

Nieuwe en minder nieuwe kinderboeken, warm aanbevolen (of net niet).

Nieuws

Het reilen en zeilen in de wereld van het kinderboek en de leesbevordering.

Ons gedacht

Onze mening over wat er gebeurt in de kinderboekenwereld, genuanceerd én ongezouten.

Elders gelezen

Lezenswaardige artikelen, opmerkelijke websites, kortom: alles wat u gezien moet hebben.

Extra

Wedstrijden, oproepen, leuke wetenswaardigheden, en meer ditjes en datjes.

Home » Boeken, In de kijker, Uitgelezen

Tonje, Gitte en Alice

Door op 01/11/2010 – 09:172 reacties

Het stapeltje recent gelezen boeken bij mijn leeszetel groeit, en ik pik er enkele uit.  Gewoon even signaleren.

Twee boeken die bij mij bovenaan lagen, omdat hun voorgangers zo’n voltreffers waren:

Maria Parr, Tonje en de geheime brief (Lannoo)

Na het warme, en bijna nostalgische verhaal De wonderlijke lotgevallen van Olle en Lena (2007), stonden de verwachtingen natuurlijk hoog gespannen. Te hoog, dacht  ik aanvankelijk. Ook al speelt het zich af in een Astrid Lindgrensfeer – en landschap (hoewel in Noorwegen), ik geraakte moeilijk in het verhaal.  Mijn haastige schuld,  je moet er tijd voor maken om de wereld en het karakter van Tonje te leren kennen. De  kleine doordouwer van 10 woont met haar vader op een boerderij  in het Glimmerdal. Haar moeder is een onderzoekster die enkele maanden op Groenland verblijft. Tonjes naaste buur en grote vriend is de oude Gunnvald, die voor haar de beste sleeën maakt. Haar grootste vijand is Hagen, de uitbater van een ‘heilzame’ camping tussen het dorp en de boerderijen. Kinderen zijn er niet welkom en Tonje al helemaal niet.  Maar de Tonje laat zich in vrolijke Bolderburen- of Pippi Langkousstijl door niets of niemand tegenhouden. Zeker niet wanneer een geheime brief het leven van Gunnvald, haarzelf en het Glimmerdal op zijn kop zet.

Het boek telt 253 blz.  Na de situering en kennismaking (na blz. 52 en hfst 6) krijgt het boek stevigheid, beginnen de motieven (eenzaamheid, weemoed, vriendschap, liefde) zich af te tekenen .

En vooral, krijgt de wonderlijke en hechte vriendschap tussen de jonge Tonje en de oude Gunnvald zo prachtig vorm dat je zelf aan de tafel in Gunnvalds keuken wil blijven meegenieten. Of je wil met Tonje de bergen in trekken, op weg naar de zomerboerderij, om Gunnvalds ram gestald te krijgen.   Of je wil meelezen met Tonje in ‘Heidi in de bergen’, en uitzoeken waarom dit het lijfboek van Gunnvald is.

Dit is een vrolijk, warm boek met een stevige ondergrond. Om in de komende herfstdagen mee te cocoonen, zonder er een melige smaak aan over te houden. Dit boek leg ik apart tot Siene, mijn oudste kleindochter,  10 is. Nog een dikke 2 jaar dus, maar Maria Parr en Tonje overleven de tijd, zeker weten.

Nog een raad: bekijk het kaartje op de binnencover  voor je begint te lezen, of terwijl je leest. Je zit zo midden in de omgeving!

Jean-Claude van Rijckeghem en Pat van Beirs, Galgenmeid (Manteau)

Jazeker, ik heb hem uit: 496 blz., een kanjer van formaat, moeilijk mee te nemen op de trein of in bed, en dus bestemd voor de leeszetel. Niet om te cocoonen dit keer, maar om je heel alert in de geschiedenis onder te dompelen. En weer dacht ik dat ik na het bejubelde Jonkvrouw (2005) te veel verwachtte. Dat Gitte Niemandsdochter mij niet in haar ban zou krijgen. Maar Gitte is een even grote doordouwer als Tonje van Maria Parr. Ze is ouder (in het grootste deel van het verhaal 15 of 16) en ze leefde in de 16e eeuw. Haar verhaal speelt  in de historisch zeer interessante periode tussen 1582 en 1585.  De Nederlanden kreunen onder de burgeroorlog en de hitte van de geuzenstrijd tegen de Spaanse heersers;  de aanhangers van Willem van Oranje verzetten zich met vuur tegen koning Filips II,  Antwerpen zet zich schrap. Gittes moeder, de ‘Rosse’, een soldatenhoertje, bracht haar dochtertje enkele jaren daarvoor naar het Maagdenhuis (weeshuis van Antwerpen)  en  prentte haar  in dat ze het kind van een Spaanse edelman is. Ze geeft  haar een schelp mee met het opschrift van de ‘hertog van Almendraje’. Het bezorgt Gitte de bijnaam ‘de hertogin’. Wanneer ze oud genoeg is om als dienstmeisje uitbesteed te worden, komt ze terecht bij een kermisgezelschap en wordt ze een eerste klasse ‘beurzensnijdster’.

Het brengt haar aan de galg, ze ontsnapt, maar wordt gebrandmerkt.  In ruil voor haar leven moet ze spionne worden van Oranje in Spanje. Dus wordt ze op een schip richting Sevilla gezet, werkt ze zich binnen als dochter van de hertog van Almandraje, geraakt aan hem gehecht, en nog meer aan zijn vrouw, groeit op als een edeldame, wordt  verliefd, trouwt,  en heeft meer en meer moeite om haar Spaanse ‘ouders’ te verraden. Maar Gitte is ‘gebrandmerkt’, het verleden achtervolgt haar en zuigt haar naar zich toe. Hoe, dat lezen jullie zelf, en ik waarschuw je: zorg dat je dit ongestoord kan doen.

Achteraf hijg je namelijk mee.

Mijn eerste indruk?

Dit is in de eerste plaats de setting van een film.  Na 200 blz., bij het begin van hfst 19 wanneer Gitte met een schip op weg is naar Sevilla,  noteerde ik: ‘als dit verfilmd wordt, dan heb je schitterende sfeerbeelden en decors, een gedetailleerd zicht op het leven in de 16e eeuw, een overweldigende vertaling van een schilderij van Breughel (aan wie het boek is opgedragen), maar waar blijft het verhaal?’

Ook  na de aankomst bij de hertog van Almendraje wordt er vooral geschilderd, word je geconfronteerd met  zestiende- eeuwse ideeën , cartografen,katholieke en protestantse denkers, politieke standpunten en vooral schitterende sfeerbeelden gedragen door geuren en kleuren ..

Maar geraakte ik emotioneel bij Gitte betrokken? Waar was het Cervantesverhaal dat door de tweede opdracht , aan Cervantes, beloofd werd? Natuurlijk, Gitte had zich al als ‘schelm’ aangediend, maar ze sleurde me nog te weinig mee.

Omdat de hele sfeerzetting meer aandacht eiste dan het verhaal van Gitte zelf, kwam de  emotionele betrokkenheid  later dan verwacht.  Op het ogenblik dat de ‘musketiers’ zich letterlijk aandienen (tweede helft van het boek) geraakt het verhaal gaandeweg in een stroomversnelling en krijgt het meer en meer de allure van een schelmenroman.

Waarom ik zowel van de historische evocatie als van Gitte genoten heb, dat vertel ik later nog in De Leeswelp.

Nog een laatste doordouwertje, maar dan met wat minder enthousiasme dan bij de twee vorige:

Ik ben Alice, Jan Simoen en Alice Dupont (Querido, Slashreeks), is het verhaal van Alice, die een beetje wou afvallen  en voor ze het beseft een anorexia- patiënte wordt. Het proces en de strijd van Alice tegen haar magerzucht is absoluut treffend en reëel, maar ik moest even naar adem happen toen bleek dat Alice ook nog eens dyslectisch was. Omdat het een Slashverhaal is, zal dit wel reëel zijn, maar ik las toch met stijgende verwondering over de manier waarop ze door haar humaniora geraakte. Goed om clichébeelden over een Steinerschool te bevestigen, dacht ik.  Het laatste jaar op de school is zelfs helemaal ongeloofwaardig:   Alice sleept zich tussen grote dips in van het ene feest naar de andere fuif, drinkt zich lazarus etc etc… Wat moet ik me daar nu bij voorstellen? Welk beeld krijg ik nu helemaal van Alice???

Chapeau voor de manier waarop ze zich toch op haar studie aan de hogeschool werpt, maar het is toch opnieuw verwonderlijk hoe ze  plots wel met een grote hoeveelheid stof kan omgaan. Neen, sorry, dit keer heeft het Slahsboek me alles behalve overtuigd.  Ook niet als er gezwaaid wordt met ‘echt gebeurd’.

In boekenvriendschap,  Jet

2 reacties »

  • pat van beirs zegt:

    beste jet,
    bedankt voor het eerlijke en evenwichtige voorproefje. benieuwd wat je uitgebreide leesverslag wordt in de leeswelp !
    pat van beirs (mede-auteur galgenmeid)

  • Myriam zegt:

    Toevallig heb ik ook net ‘Galgenmeid’ en ‘Ik ben Alice’ na elkaar gelezen.
    Voor mij zijn beide verhalen – Galgenmeid én Alice – zodanig sterk ‘verteld’ dat je als lezer helemaal meegezogen wordt in het hoofd van het personage-vertelster, waardoor je met hààr kijk op de wereld en bijna in hààr huid het verhaal gaat meevolgen. De auteurs zijn erin geslaagd hun hoofdpersonage een prachtige unieke ‘stem’ te geven (door vertelstandpunt, stijl, woordkeuze, enz, alles heel samenhangend en consequent volgehouden).
    En dan maakt het voor mij als lezer ‘geen ene moer’ uit of een 15-jarige 16de eeuwse van 5m hoog kan springen zonder iets te breken, of op welke ogenschijnlijk onwaarschijnlijke manier een meisje van nu zich door haar schooltijd worstelt. De wetten van de zwaartekracht en de (morele) normen doen er niet echt toe in een sterk verhaal, toch?
    PS: Als een verhaal mij zo meesleept, dan sleep ik het boek zowat overal mee, om toch maar te kunnen verderlezen. ;-)
    Myriam
    (o.a. Bib Gent, Literair Gent, De kleine Cervantes)

Reageer!

Reageer onderstaand, of trackback van uw eigen website. U kunt ook de reacties ontvangen via RSS.

U kunt deze HTML tags gebruiken:
<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Deze website is Gravatar-enabled. U kunt uw eigen wereldwijd gebruikte G(lobally) R(ecognized) avatar verkrijgen op Gravatar.

Houd mij op de hoogte van nieuwe reacties. Of abonneer jezelf op deze discussie zonder te reageren.